AccountantsKantoor De Groot BV (AKDG)

AccountantsKantoor De Groot BV (AKDG) Bedrijfseconomisch en fiscaal het beste voor de cliënt, dat is het doel! Cliënten van AKDG zijn d

Fijne paasdagenPasen is voor veel ondernemers een mooi moment om even afstand te nemen van de cijfers, om daarna weer me...
03/04/2026

Fijne paasdagen

Pasen is voor veel ondernemers een mooi moment om even afstand te nemen van de cijfers, om daarna weer met frisse blik vooruit te kijken.
Namens het hele team van Accountantskantoor De Groot wensen we je een mooi en ontspannen paasweekend.

Geniet van de paasdagen.

Is verhuur met korte duur nog mogelijk?De huurovereenkomst voor onbepaalde duur vormt het uitgangspunt naar de huidige w...
31/03/2026

Is verhuur met korte duur nog mogelijk?

De huurovereenkomst voor onbepaalde duur vormt het uitgangspunt naar de huidige wet- en regelgeving. Toch is verhuur voor korte duur niet helemaal onmogelijk. Belangrijk is om te voorkomen dat uw contract kan worden gezien als een manier om de strenge huurregels te omzeilen. Daarvoor is het noodzakelijk dat zowel de feitelijke als de contractuele afspraken passen bij verhuur voor korte duur. Vermeld daarom uitdrukkelijk in de overeenkomst dat het gaat om een huurovereenkomst van naar zijn aard korte duur. Uiteraard moet u hierin ook vastleggen voor welke duur de overeenkomst wordt aangegaan. Daarnaast is het van belang dat u benoemt waarom de huur slechts tijdelijk is. U kunt bijvoorbeeld opnemen dat het om vakantieverhuur gaat of om een tijdelijk werk- of studieproject. Helemaal mooi zou het zijn wanneer u samenwerkt met werkgevers, onderwijsinstellingen of bedrijven, die gericht zijn op het tijdelijk huisvesten van werknemers of studenten. Uiteraard moet de feitelijke situatie aansluiten bij wat er in de overeenkomst is vastgelegd.

Gevolgen huurder
De huurder kan bij verhuur van korte duur geen aanspraak maken op huurbescherming. Verder is het gebruikelijk dat u het object gemeubileerd verhuurt en dat de huurder geen omkijken heeft naar het onderhoud. Leg daarom vast dat dit voor uw rekening blijft.

Registreer UBO-gegevens en voorkom boetesIn Nederland opgerichte en gevestigde vennootschappen en andere juridische enti...
27/03/2026

Registreer UBO-gegevens en voorkom boetes

In Nederland opgerichte en gevestigde vennootschappen en andere juridische entiteiten moeten de gegevens bijhouden en registreren van uiteindelijk belanghebbenden (UBO’s: Ultimate Beneficial Owners). U als dga van uw bv moet dus ook uw gegevens laten registreren in het UBO-register bij de Kamer van Koophandel. Sinds 1 januari 2026 kan de Dienst Financieel-Economische Integriteit (DFEI) een bestuurlijke boete opleggen als UBO-gegevens niet juist en volledig zijn geregistreerd. Een overtreding wordt beboet met € 2.750. Bij herhaling wordt de boete verdubbeld naar € 5.500. Bij de volgende herhalingen gaat de boete naar € 11.000, € 22.000 en € 27.500. De DFEI houdt bij het opleggen van de boete wel rekening met de omstandigheden van het geval. Daarbij moet u denken aan financiële draagkracht en de mate van verwijtbaarheid.

Tijdig S&O-uren 2025 doorgevenHeeft u als ondernemer zonder personeel (u heeft geen loonheffingennummer) in 2025 gebruik...
24/03/2026

Tijdig S&O-uren 2025 doorgeven

Heeft u als ondernemer zonder personeel (u heeft geen loonheffingennummer) in 2025 gebruikgemaakt van de regeling speur- en ontwikkelingswerk (S&O-werk) voor uw innovatieve investeringen? Dan komt u mogelijk voor de S&O-aftrek in aanmerking. Deze aftrek bedroeg voor 2025 maximaal € 15.738, verhoogd met € 7.875 als u een starter was. U moet in 2025 wel aan het urencriterium hebben voldaan. Dat wil zeggen dat u in beginsel minimaal 1.225 uren heeft besteed aan uw onderneming. Daarbij heeft u ten minste 500 uur besteed aan speur- en ontwikkelingswerk, waarvoor de RVO een S&O-verklaring heeft afgegeven. Heeft u feitelijk minder dan 500 S&O-uren gerealiseerd? Dan moet u dit uiterlijk 31 maart 2026 doorgeven via het eLoket van de RVO. Als u de S&O-uren niet tijdig heeft doorgegeven, krijgt u eerst een herinnering. Geeft u ook daarna de gerealiseerde S&O-uren niet op aan de RVO, dan wordt ervan uitgegaan dat u geen S&O-uren heeft gerealiseerd. U moet dan de S&O-aftrek terugbetalen, verhoogd met een boete.

Verkeersboetes onbelast vergoeden – mag dat?U kunt er als werkgever soms voor kiezen om een verkeersboete aan een werkne...
20/03/2026

Verkeersboetes onbelast vergoeden – mag dat?

U kunt er als werkgever soms voor kiezen om een verkeersboete aan een werknemer te vergoeden. Bijvoorbeeld als een werknemer voor een spoedopdracht zo snel mogelijk bij een klant moet zijn en daarbij een snelheidsovertreding begaat. Maar is die vergoeding dan onbelast? En maakt het uit of de werknemer met zijn eigen auto reed of met een auto die u hem ter beschikking heeft gesteld?
Als de werknemer met zijn eigen auto reed, kunt u hem/haar geen onbelaste vergoeding betalen. Er is namelijk sprake van loon voor de werknemer, dat u niet kunt aanwijzen als eindheffingsloon. Een verkeersboete is verplicht werknemersloon.

En met de auto van de zaak?
Reed de werknemer in een auto van de zaak toen hij de overtreding beging? In dat geval wordt de boete opgelegd aan de kentekenhouder, aan u als werkgever of aan de leasemaatschappij. Of er dan sprake is van loon, hangt af van de vraag of u de boete kunt verhalen op de werknemer. In de meeste gevallen is dat het geval. Verhalen kan alleen niet als de werknemer de overtreding beging in uw opdracht. De werknemer is bijvoorbeeld op uw verzoek of onder druk van u als werkgever harder gaan rijden om verloren tijd in te halen. Mag u de boete niet verhalen op de werknemer, dan is geen sprake van loon voor de werknemer.

Verplicht werknemersloon?
Mag u de boete op de werknemer verhalen – maar doet u dat niet? Dan is sprake van een voordeel en loon voor de werknemer. U heeft dan de keuze om dit bij de werknemer te belasten of aan te wijzen als eindheffingsloon en onder de werkkostenregeling te laten vallen. Er is in dit geval dus géén sprake van verplicht werknemersloon. Het is ook niet ongebruikelijk dat u de belasting over een verhaalbare boete voor uw rekening neemt. Als u kiest voor eindheffingsloon, komt dit ten laste van uw vrije ruimte. Bij overschrijding betaalt u 80% eindheffing.

Nieuwe box-3-stelsel alweer onder het mes?Het nieuwe kabinet-Jetten heeft in het Coalitieakkoord onder meer een ingrijpe...
17/03/2026

Nieuwe box-3-stelsel alweer onder het mes?

Het nieuwe kabinet-Jetten heeft in het Coalitieakkoord onder meer een ingrijpende wijziging aangekondigd in het nieuwe box-3-stelsel dat op 1 januari 2028 in werking moet treden. Volgens dit stelsel worden ook niet-gerealiseerde waardestijgingen van vermogensbestanddelen jaarlijks in de belastingheffing betrokken. Dit is de vermogensaanwasbelasting. Een uitzondering wordt gemaakt voor vastgoed en aandelen in een startup. Die bestanddelen zullen worden belast met een vermogenswinstbelasting. Bij deze belasting vindt de heffing pas plaats als het box-3-vermogensbestanddeel is vervreemd. In dat geval betaalt u dus pas belasting zodra u over de liquiditeiten beschikt. Het nieuwe kabinet wil deze vermogenswinstbelasting op termijn ook invoeren voor de andere vermogensbestanddelen in box 3. Hiervoor zal het minderheidskabinet-Jetten wel eerst steun moeten vinden bij oppositiepartijen. Het is dus nog even afwachten of dit voornemen realiteit wordt.

Youngtimerregeling versoberdSinds 1 januari 2026 geldt voor het privégebruik van terbeschikkinggestelde auto’s jonger da...
15/03/2026

Youngtimerregeling versoberd

Sinds 1 januari 2026 geldt voor het privégebruik van terbeschikkinggestelde auto’s jonger dan 16 jaar een bijtelling van 22% of 25% van de cataloguswaarde. Vanaf het moment dat een auto 16 jaar is, wordt de bijtelling 35% van de waarde in het economisch verkeer (de youngtimerregeling). Tot 1 januari 2026 was een terbeschikkinggestelde auto een youngtimer vanaf 15 jaar oud.
Voor youngtimers die in 2025 ter beschikking zijn gesteld en in 2026 16 jaar oud worden, is een overgangsregeling getroffen. Deze auto’s mogen tot 1 januari 2027 onder de youngtimerregeling blijven vallen. Vanaf 2027 wordt de leeftijdsgrens van een youngtimer overigens verder verhoogd van 16 naar 25 jaar.

Aanpak schijnzelfstandigheid in het CoalitieakkoordHet nieuwe kabinet-Jetten heeft in het Coalitieakkoord het voorgenome...
07/03/2026

Aanpak schijnzelfstandigheid in het Coalitieakkoord

Het nieuwe kabinet-Jetten heeft in het Coalitieakkoord het voorgenomen beleid bekendgemaakt voor zelfstandigen. Het kabinet wil delen van de twee voorstellen die er nu zijn om schijnzelfstandigheid tegen te gaan (de Zelfstandigenwet en de Wet Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden, Vbar) samenvoegen. Uit de wet Vbar wil het kabinet het deel dat over het rechtsvermoeden gaat overbrengen naar een apart wetsvoorstel. Kortgezegd komt dit erop neer dat bij een uurtarief van € 36 of minder ervan wordt uitgegaan dat de arbeid in dienstbetrekking is verricht, tenzij de opdrachtgever kan aantonen dat er toch geen sprake is van een arbeidsovereenkomst. Voor het overige wordt voor de criteria voor het zelfstandig ondernemerschap aangesloten bij de Zelfstandigenwet. Die wet beoordeelt de werkrelatie aan de hand van een zelfstandigentoets en een werkrelatietoets. Bij de zelfstandigentoets wordt beoordeeld of de persoon die het werk uitvoert zich in het economisch verkeer als zelfstandige gedraagt. Daarbij wordt ook gekeken naar toereikende voorzieningen voor pensioen en arbeidsongeschiktheid. Bij de werkrelatietoets wordt beoordeeld of de opdrachtnemer de werkzaamheden zelfstandig kan uitvoeren. Hierbij zijn van belang de wil van partijen, de vrijheid om de werkwijze en werktijden zelf te bepalen en of de opdrachtnemer een ondergeschikte positie heeft in de organisatie van de opdrachtgever. Kan de werkrelatie beide toetsen doorstaan, dan is er sprake van zelfstandig ondernemerschap.

Deels toch zachte handhaving bij schijnzelfstandigheid

De zogenoemde ‘zachte landing’ die de Belastingdienst hanteert bij de handhaving op schijnzelfstandigheid is op aandringen van de nieuwe Tweede Kamer toch deels verlengd. Daardoor blijft een bedrijfsbezoek het startpunt bij de handhaving. De Belastingdienst gaat daarbij eerst in gesprek met de opdrachtgever over de inhuur van zzp’ers. Tijdens dit gesprek wordt de opdrachtgever er zo nodig op gewezen aandacht te hebben voor de kwalificatie van de arbeidsrelaties en mogelijke risico’s van schijnzelfstandigheid. De Belastingdienst kan er dan voor kiezen om nog geen boekenonderzoek te starten, waardoor de opdrachtgever dus als het ware eerst wordt gewaarschuwd en in de gelegenheid wordt gesteld om verbeteringen door te voeren. Komt er wel een boekenonderzoek? Dan kan de Belastingdienst kiezen voor een onderzoek over een kalenderjaar of over een recent aangiftetijdvak.

Geen verzuimboete – wél vergrijpboete
Daarnaast worden er ook in 2026 geen verzuimboetes opgelegd in het kader van de handhaving op schijnzelfstandigheid. In 2026 kunnen er wél vergrijpboetes worden opgelegd aan opdrachtgevers en zelfstandigen in gevallen van opzet of grove schuld. Ook blijft het voor de Belastingdienst mogelijk om over de periode vanaf 1 januari 2025 naheffingsaanslagen op te leggen.

Let op
Goedgekeurde lopende modelovereenkomsten worden nog geëerbiedigd tot eind 2029. Dit betekent dat opdrachtgevers nog tot 2030 gevrijwaard zijn van naheffing van loonheffingen als ze daadwerkelijk werken volgens de goedgekeurde modelovereenkomst.

Gewijzigde schenkingsvrijstellingenHeeft u vorig jaar maximaal € 6.713 aan uw kind geschonken? Dan hoeft uw kind geen aa...
06/03/2026

Gewijzigde schenkingsvrijstellingen

Heeft u vorig jaar maximaal € 6.713 aan uw kind geschonken? Dan hoeft uw kind geen aangiftebiljet voor de schenkbelasting in te dienen. Als u meer heeft geschonken, moet uw kind over het meerdere schenkbelasting betalen. In dat geval moet hij of zij uiterlijk vóór 1 maart 2026 een aangiftebiljet voor de schenkbelasting hebben ingediend. In 2026 bedraagt het maximale bedrag, waarvoor bij een schenking van ouder aan kind geen schenkingsaangifte hoeft te worden gedaan € 6.908 per kind.
Naast de jaarlijkse schenking kunt u uw kinderen (of hun partners) als zij ouder zijn dan 18 en jonger dan 40 jaar, ook eenmalig een hoger bedrag vrijgesteld schenken. In 2025 bedroeg deze vrij besteedbare schenking € 32.195. Deze vrijstelling is in 2026 verhoogd naar € 33.129. Daarnaast kunt u aan deze kinderen – in plaats van de eenmalig verhoogde schenking – ook een extra verhoogde vrijgestelde schenking doen. In 2025 bedroeg deze vrijstelling € 67.064. De vrijstelling is dit jaar verhoogd naar € 69.009. Deze schenking is niet vrij besteedbaar, maar moet worden gebruikt voor een dure studie. Bovendien heeft u hiervoor een notariële schenkingsakte nodig. Heeft u uw kinderen in 2025 een van deze schenkingen gedaan? Dan moeten zij vóór 1 maart 2026 schenkingsaangifte doen, waarin zij de vrijstelling claimen.

Invorderingsrente verhoogd De invorderingsrente is verhoogd van 4% naar 4,3%. U betaalt invorderingsrente als u na de ui...
05/03/2026

Invorderingsrente verhoogd

De invorderingsrente is verhoogd van 4% naar 4,3%. U betaalt invorderingsrente als u na de uiterste betaaldatum van de belastingaanslag nog een bedrag moet betalen. Dit geldt ook als u uitstel van betaling heeft gekregen en u de belastingaanslag in termijnen mag betalen. U betaalt de invorderingsrente over elke termijn dat u betaalt na de uiterste datum. Zorg dus dat u de aanslag(termijnen) tijdig betaalt!

Enkele maatregelen uit het CoalitieakkoordIn het Coalitieakkoord van het nieuwe kabinet-Jetten staan ook ingrijpende maa...
03/03/2026

Enkele maatregelen uit het Coalitieakkoord

In het Coalitieakkoord van het nieuwe kabinet-Jetten staan ook ingrijpende maatregelen met name in de sociale zekerheid. De plannen moeten nog wel verder worden uitgewerkt. Bovendien is het kabinet-Jetten een minderheidskabinet. De voorgenomen maatregelen kunnen slechts doorgang vinden met medewerking van oppositiepartijen. Kortom, het is nog niet zeker of deze plannen de parlementaire eindstreep gaan halen. Daarom beperken we ons tot het noemen van enkele ingrijpende maatregelen.

• Vanaf 2028 wordt de duur van de WW-uitkering verkort tot maximaal 12 maanden en vanaf 2030 gaat de WW-uitkering over de eerste 2 maanden omhoog van 75% naar 80% van het dagloon. Daarnaast wordt de referte-eis verscherpt naar 42 van 52 weken gewerkt en wordt de opbouw van de WW-rechten teruggebracht tot een halve maand per gewerkt jaar.

• Vanaf 2029 wordt het maximumdagloon met 20% verlaagd. Dit betekent dat werknemers met hogere lonen minder uitkering zullen krijgen en dat werkgevers minder premie gaan betalen.

• Vanaf 2030 wordt de IVA-uitkering afgeschaft voor nieuwe gevallen. Mensen die dan al een IVA-uitkering hebben, behouden die uitkering.

• Vanaf 2033 moet de AOW-leeftijd weer 1-op-1 meestijgen met de levensverwachting. Nu is dat nog voor twee derde.

• Vanaf 2028 wordt de transitievergoeding hervormd, zodat deze wordt gebruikt voor de transitie van werk naar werk. Daarnaast zal de compensatie voor de transitievergoeding na 2 jaar ziekte worden afgeschaft voor alle werkgevers. Waarschijnlijk hoeven werkgevers die tijdig en voldoende hebben geïnvesteerd in bij- en omscholing of in re-integratieverplichtingen uit de Wet verbetering Poortwachter geen of minder transitievergoeding te betalen.

Let op
Momenteel ligt er een wetsvoorstel bij de Tweede Kamer waarin kleine werkgevers recht behouden op compensatie van de transitievergoeding na 2 jaar ziekte. Dit wetsvoorstel zou op 1 juli 2026 in werking moeten treden. Dit lijkt niet haalbaar, aangezien het wetsvoorstel de gehele parlementaire weg nog moet afleggen. Gezien het voornemen van het nieuwe kabinet, is het nu sowieso onzeker of dit wetsvoorstel nog wel wordt ingevoerd. We houden u op de hoogte.

Meer tijd voor aankoop lijfrente Komt uw lijfrentepolis tot uitkering? Dan mag u er langer over doen dan voorheen om te ...
27/02/2026

Meer tijd voor aankoop lijfrente

Komt uw lijfrentepolis tot uitkering? Dan mag u er langer over doen dan voorheen om te beslissen wat u met het vrijgekomen kapitaal gaat doen. Vanaf 2026 telt namelijk alleen nog maar dat de eerste lijfrentetermijn moet zijn uitgekeerd op 31 december van het jaar waarin u de AOW-leeftijd plus vijf jaar bereikt. Tot 31 december 2025 moest u dit beslissen vóór 31 december van het jaar dat volgt op het jaar waarin uw lijfrentepolis tot uitkering was gekomen. Ingeval van overlijden was deze termijn 31 december van het tweede kalenderjaar volgend op het overlijden.

Tip
Bent u te laat, dan wordt uw vrijgekomen lijfrentekapitaal als zijnde afkoop in zijn geheel in de belastingheffing betrokken. Zorg er daarom voor dat u de einddata van lijfrentecontracten goed vastlegt, zodat u precies weet wanneer u uiterlijk actie moet ondernemen.

Adres

Vloetrand 2
Volkel
5408PG

Openingstijden

Maandag 08:30 - 17:00
Dinsdag 08:30 - 17:00
Woensdag 08:30 - 17:00
Donderdag 08:30 - 17:00
Vrijdag 08:30 - 17:00

Meldingen

Wees de eerste die het weet en laat ons u een e-mail sturen wanneer AccountantsKantoor De Groot BV (AKDG) nieuws en promoties plaatst. Uw e-mailadres wordt niet voor andere doeleinden gebruikt en u kunt zich op elk gewenst moment afmelden.

Delen