25/04/2026
De wetgeving rond cash wordt jaar na jaar strikter. Als ondernemer moet u weten welke verplichtingen gelden. Niet alleen om boetes te vermijden, maar ook om uw administratie betrouwbaar en controleerbaar te houden.
Sinds enkele jaren moet elke onderneming die met consumenten werkt minstens één elektronisch betaalmiddel aanbieden. Cash mag in de regel niet zomaar geweigerd worden. Dat kan enkel in specifieke situaties, zoals acute veiligheidsrisico’s of wanneer de klant betaalt met een biljet dat niet in verhouding staat tot het aankoopbedrag. Ondernemers moeten bij cashbetalingen bovendien afronden op het dichtstbijzijnde veelvoud van 0 of 5 cent.
In veel ondernemingen blijft cash een essentieel betaalmiddel. Maar het tijdperk van 'vrije' contante betalingen is voorbij.
In het kader van de strijd tegen fraude en witwassen geldt in België een algemene cashlimiet van 3.000 euro per verrichting of reeks van verrichtingen die duidelijk aan elkaar gelinkt zijn. Splitsen in meerdere kleine betalingen is dus verboden. In sommige sectoren, zoals de handel in oude of edelmetalen, gelden zelfs nog strengere regels waarbij cashbetaling volledig uitgesloten is. Ook bij vastgoedtransacties is contant geld strikt verboden.
Wie verkoopt aan particulieren zonder een factuur uit te reiken, moet elke verkoop correct noteren in een dagontvangstenboek.
Houd er rekening mee dat sommige ondernemingen en beroepen onder de antiwitwaswet vallen. Zij zijn verplicht cliëntenonderzoek te doen, risico’s te beoordelen en verdachte transacties te melden aan de CTIF-CFI (Cel voor Financiële Informatieverwerking). De cashlimiet van 3.000 euro is een van de instrumenten die deze wet gebruikt om ongeoorloofde geldstromen sneller zichtbaar te maken. Ondernemers doen er goed aan hun interne procedures daarop af te stemmen en hun personeel te sensibiliseren.
Wie verkoopt aan particulieren zonder een factuur uit te reiken, moet elke verkoop correct noteren in een dagontvangstenboek. Dat doet u dagelijks, ook wanneer u geen enkele ontvangst had. Zit er een verkoop van meer dan 250 euro (inclusief btw) bij, dan moet die op een aparte lijn vermeld worden, met een duidelijke omschrijving. Als uw onderneming meerdere vestigingen heeft, is een centralisatieboek verplicht. Het dagontvangstenboek vormt het sluitstuk van alle verkopen zonder factuur. De fiscus beschouwt het als een cruciaal controle.
naast moet elke onderneming die met contant geld werkt een kasboek bijhouden. Dat kasboek registreert alle bewegingen van cash: ontvangsten, betalingen aan leveranciers, stortingen op de bank of opnames voor privégebruik. Het weerspiegelt dus niet de omzet, maar het werkelijke kasverloop, en moet - net zoals andere boekhouddocumenten - tien jaar worden bewaard.
Voor restaurants, brasseries, cafés met maaltijden en traiteurs blijft de regel duidelijk: zodra de jaaromzet uit restaurant‑ en cateringdiensten meer dan 25.000 euro (exclusief btw) bedraagt, is het gebruik van een geregistreerd kassasysteem (GKS) verplicht. De overheid rolt momenteel GKS 2.0 uit, een vereenvoudigde en gedigitaliseerde versie waarbij kastickets digitaal worden ondertekend en gegevens automatisch naar de federale overheidsdienst Financiën gaan.
Het correct bijhouden van het dagontvangstenboek en het kasboek, het respecteren van de cashlimiet en het naleven van de GKS‑verplichting vormen samen een stevig fundament om discussies bij controles te vermijden. Zeker in sectoren die veel met contant geld werken, is nauwkeurigheid belangrijker dan ooit.